|
20: Het spookhuis
Het is zomer en Bunny, Rei, Ami en Luna gaan naar het strand. Als ze bij het station uitstappen, hebben ze gelijk al zich over de zee. Maar dan herinnert
Luna ze eraan dat ze hier niet zijn voor een vakantie, maar voor training. Rei heeft een pension uitgezocht, waar ze uitzicht over zee hebben en een privé-strand.
Bunny ziet het al helemaal voor zich, een strand vol jongens, Motoki die haar een drankje bezorgt en Tuxedo Mask die voorbij komt surfen. Nu ze door een
donker bos met kale bomen lopen, vraagt Bunny zich af of ze nu niet verdwaald zijn. Rei snauwt haar gelijk af door te zeggen dat zij degene was die zei
dat dit de kortste weg zou zijn. Boven hen trekt de lucht dicht met donkere wolken en de onweer knalt door het bos. Bunny is bang voor het onweer en begint
te rennen. Ze stopt als ze ziet dat er een klein meisje voor haar staat. Het meisje leidt ze de weg naar het grote huis. Op het naamplaatje naast de deur
staat met grote letters 'ADAMS'.
Dit moet het pension zijn. Drie ietwat vreemde wezens openen de deur. Bunny schrikt zich helemaal lam, zeker wanneer er een grote man verschijnt. Hij vraagt
aan het meisje, dat Sakiko heet, waarom ze zo lang weg is geweest en lijkt zelfs boos op haar te zijn. Als Bunny op haar kamer zit, droogt ze haar haar
en zegt tegen Luna dat ze dit hele huis raar vindt. Het lijkt wel een spookhuis. Dan komt de vreemde vrouw binnen en Bunny schreeuwt zowat het hele huis
bij elkaar van angst. De vrouw gaat op een ladder staan en repareert een lamp. Rei en Ami komen kijken wat er aan de hand is en Bunny legt ze uit dat ze
dacht dat de vrouw een strop rond haar nek had.
Even later gaan ze naar de eetkamer en schuiven aan aan een grote tafel. Vanuit een raam kijken Sakiko en haar vader toe. Haar vader zegt dat ze niet met
die meisjes om mag gaan. Als ze aan het eten zijn, kijkt Bunny met argwaan naar de drie vreemde bewoners. Rei zegt tegen ze dat het mooie kostuums zijn
en dat het eten heel lekker is. Een van hen antwoordt dat ze daar om bekend staan. Even later horen ze een vreemd geluid en kijken om. Ze zien nog net hoe
een vreemde spookverschijning zomaar verdwijnt. Ami denkt gelijk dat het een duistere macht is, maar Rei antwoordt dat ze geen kwade macht voelde, alleen
maar een heel erg sterke kracht. In een grote, donkere kamer zit het meisje. Haar vader heeft haar onder hypnose gebracht.
De volgende dag gaan Bunny, Rei, Ami en Luna naar het strandje. Het valt ze op dat het nogal stil is. Bunny verwachtte grote jachten op het water en dat
er allemaal jongens op het strand zouden zijn. Maar dat is niet zo, het is een privé-strand. Maar dan kunnen ze toch nog evengoed plezier hebben. Rei antwoordt
dat Bunny maar een simpele geest is. Dan pakt Ami een paar boeken, schoolboeken! Bunny begint gelijk tegen haar te preken dat ze nu vakantie hebben en niet
bezig moeten zijn met school. Rei moet toegeven dat Bunny voor deze ene keer gelijk heeft. Bovenop de rotsen kijkt het meisje naar ze.
Die avond zit een van de huisbewoners op het dak te huilen naar de maan. Hij zegt dat hij niet wil dat het donker wordt, daar wordt hij bang van.
Bunny zit in bad en Luna zit bij haar. Rei is ondertussen op alle stoelen in de eetkamer magische labels aan het hangen en spreekt een paar bezweringen
uit. Ami ziet het meisje staan en gaat naar haar toe. Sakiko weet Ami's naam, ze heeft die middag naar ze staan kijken. Ze praten even met elkaar, totdat
Sakiko's vader komt en zegt dat ze mee moet komen. Ze mag niet met die meisjes omgaan. Ze heeft grote helderziende krachten en dat is veel belangrijker.
Daar mag ze zich niet tegen verzetten en weer wordt ze onder hypnose gebracht.
Als ze weer in de eetkamer zijn, beginnen ineens alle stoelen te bewegen en de labels die Rei eraan had gehangen, scheuren. Dan zweven de stoelen door heel
de kamer heen en de spookachtige verschijning komt ook weer tevoorschijn. Ami probeert het tegen te houden, maar wordt zo door de ruiten naar buiten geslagen.
Dan komt Sakiko's vader en ook hij wordt naar buiten geramd. Bunny en de rest moeten zich transformeren om hem te helpen. Dan komt Sakiko. Zij heeft de
geest gecreëerd, maar het heeft nu een eigen wil en ze kan het niet meer controleren. Bunny gooit haar diadeem, maar deze gaat dwars door de geest heen!
De geest blijft haar vader aanvallen en Sakiko moet hem helpen. Met haar eigen krachten weet ze het te stoppen en zo ook haar vader te redden. Haar vader
zegt dat het hem spijt dat hij haar niet gewoon met andere meisjes om liet gaan en dat hij die experimenten deed.
De volgende dag is Sakiko met Bunny en de rest gewoon op het strand aan het spelen. Haar vader kijkt toe vanaf de rotsen en zal Sakiko voortaan zelf laten
beslissen over wat ze wil.
|
|
|